De kracht van delen: hoe Sporenburg samen slimmer met energie omgaat
Wat hier gebeurt, laat zien dat de energietransitie niet alleen een technisch vraagstuk is, maar vooral een lokaal samenspel van mensen, informeren, stimuleren en gedrag, ondersteund door technologie.
Van inzicht naar actie
Voor Hugo Niesing begon het jaren geleden met een frustratie. In verschillende projecten merkte hij dat er weinig inzicht was in hoe energie daadwerkelijk door een wijk stroomt. “We hebben jarenlang toegang gevraagd naar data van netbeheerders,” vertelt hij. “Maar na verschillende innovatieprojecten waar veel energiedata gemeten werd en samenwerking met ECN dachten we: we moeten het zelf inzichtelijk maken.”
Dat leidde tot de ontwikkeling van Resourcefully’s transitie model Flex+, hiermee ontwerpen ze toekomstige energiescenario’s op huis-, bedrijfs- of wijkniveau. Maar naast ontwerpen is het ook belangrijk om dit te kunnen implementeren! Dat doet Resourcefully in het FlexCitizen project. In het FlexCitizen project is een systeem ontworpen waarmee bewoners hun eigen energieverbruik en -opwek kunnen volgen. In Sporenburg komt alles samen: zonnepanelen op daken, elektrische auto’s in de straat en een groeiende behoefte aan slimme oplossingen voor netcongestie.
Via een app krijgen bewoners realtime inzicht in wat er gebeurt in hun wijk. Is er veel vraag naar stroom? Dan kleurt het systeem rood. Is er juist een overschot aan zonne-energie? Dan wordt het geadviseerd om bijvoorbeeld een auto op te laden.
Samen slimmer omgaan met energie
De kracht van het project zit in de samenwerking. Bewoners stemmen hun gedrag af op wat het netwerk aankan. Niet door in te leveren op comfort, maar door slim te plannen.
“Het maakt voor de meeste mensen niet uit wanneer hun auto oplaadt, zolang hij maar vol is als ze hem nodig hebben,” legt Niesing uit. Door dat soort flexibiliteit te benutten, ontstaat ruimte op het elektriciteitsnet zonder dat er direct nieuwe infrastructuur nodig is.
Daarnaast wordt er geëxperimenteerd met het delen van stroom binnen de wijk. Bewoners met een overschot aan zonnestroom kunnen dit lokaal beschikbaar maken voor anderen. Zo blijft de elektriciteit binnen de buurt, in plaats van terug te vloeien naar het net, op momenten dat er al een groot overschot aan stroom is. Maar 1 elektrische auto die oplaadt gebruikt de stroom van zo’n 8 huishoudens die te veel stroom maken. Als je dat goed inricht kunnen we als buurt minder afhankelijk zijn van externe elektriciteit en het is ook belangrijk voor de cohesie of saamhorigheid van de buurt.
Dat maakt het energiesysteem niet alleen efficiënter, maar ook robuuster. Minder afhankelijk van externe bronnen en beter afgestemd op lokale behoeften.
Gedrag, technologie en vertrouwen
Het project in Sporenburg laat zien dat technologie slechts een deel van de oplossing is. Minstens zo belangrijk is het gedrag van bewoners en het vertrouwen in het systeem.
De aanpak van FlexCitizen bestaat uit drie stappen: inzicht geven, bewoners actief laten meedoen en uiteindelijk processen automatiseren. Inmiddels zijn er ook huishoudens waarbij het laden van elektrische auto’s automatisch wordt aangestuurd, binnen vooraf afgesproken kaders.
Daarbij speelt de gemeenschap een belangrijke rol. Lokale ambassadeurs helpen bewoners met installatie en uitleg. “We doen dit niet om iets te verkopen,” zegt Niesing. “We onderzoeken hoe een toekomstig energiesysteem eruit kan zien. Dan moet je het samen doen.”
Leren voor de toekomst
Volgens Doede Bardok, betrokken vanuit de gemeente Amsterdam, zijn dit soort projecten van grote waarde. “Dit is de energietransitie in de praktijk,” stelt hij. “Hier leren we hoe we vraag en aanbod van stroom dichter bij elkaar kunnen brengen.”
Voor de gemeente is Sporenburg daarmee meer dan een pilot. Het is een leeromgeving waarin wordt onderzocht wat werkt en wat nog nodig is om dit soort oplossingen breder toe te passen.
Hoewel het systeem nog niet makkelijk overal direct toepasbaar is – bijvoorbeeld in wijken zonder zonnepanelen of elektrische mobiliteit – biedt het wel richting. Zeker in buurten waar de druk op het elektriciteitsnet toeneemt, kan deze aanpak een belangrijk onderdeel van de oplossing zijn.
Van pilot naar schaal
De ambities reiken verder dan Sporenburg. FlexCitizen werkt inmiddels samen met andere gemeenten en netbeheerders om het concept door te ontwikkelen en op te schalen. Daarbij wordt gekeken naar nieuwe toepassingen, zoals batterijen en bredere energiegemeenschappen.
De les uit Sporenburg is duidelijk: de energietransitie vraagt niet alleen om investeringen in techniek, maar ook om samenwerking op lokaal niveau. Door energie slimmer te gebruiken en te delen, ontstaat ruimte binnen bestaande systemen.
Of zoals Niesing het samenvat: “We hoeven het net niet meteen te verdubbelen. Als we het samen slimmer gebruiken, komen we al een heel eind.”